Luc

Luc is iemand die zeer actief is bij doof Vlaanderen. Hij wordt soms koppig genoemd door zijn vrienden, zelf noemt hij dit eerder eigenzinnig en gedreven. Luc geniet van samenzijn en dingen doen, maar gaat vaak niet in op uitnodigingen in zijn buurt. Zijn tolkuren zijn beperkt, hij is genoodzaakt deze op te sparen voor in het ziekenhuis of bij de dokter. Want jammer genoeg en te veel moet hij zijn “privéuren” daaraan besteden.

“Vroeger kregen wij 36 uren tolkuren voor privésituaties en toen konden we daar echt eisen dat ziekenhuizen dat moesten betalen. Maar nu dat wij 80 uren hebben, moet ik toch mijn eigen uren inzetten. Ik heb soms geen zin om opnieuw te discussiëren met die zienhuizen.  Maar eigenlijk moeten we eisen dat het ziekenhuis zelf tussenkomt in die tolkkosten.”

Het beperkte aantal tolkuren staat Luc in de weg om zelf te bepalen waarvoor hij zijn uren wil gebruiken. Dit beperkt hem in wat hij kan doen en waar hij aan kan deelnemen. 

“Een doof persoon die heel graag een cursus wil volgen, gewoon uit interesse, voor het plezier, als hobby, zoals computervaardigheden bijleren, een cursus Frans, Engels…  Ja, daar krijg je geen tolkuren voor.”

Luc lobbyt bij de overheid om op te komen voor de gelijke rechten van dove mensen en motiveert anderen ook om op te komen voor hun rechten. 

“Wij proberen dove individuen eigenlijk een beetje te motiveren om zelf een klacht in te dienen als het om discriminatie gaat. En soms kan je het pleit wel winnen. Als je dan je gelijk krijgt, kan dat een voordeel betekenen voor de ganse groep.”

Luc vindt zijn weg om deel te zijn van de maatschappij, dit doet hij op zijn eigen manier, op zijn eigen termen en op zijn eigen tempo. Hij trekt er liever op uit met anderen die ook doof zijn. Ze begrijpen elkaar uiteraard veel vlotter, geen tolk nodig! Luc vindt eigenlijk niet dat hij een beperking heeft zeker niet als hij bij andere dove mensen is. 

“Ja, dove mensen die voelen zich onderling niet gehandicapt natuurlijk hè. Het is natuurlijk door de barrières die we ervaren in de maatschappij dat ze ons bijna een handicap aanmeten.”